Konijn en Knaagdier

Het konijn


Voeding
Een konijn is een strikte herbivoor (planten-eter). De snijtanden en kiezen groeien zijn hele leven door. Enkel en alleen door een ganse dag door te knabbelen, kan een konijn zijn tanden voldoende afslijten. Een slechte voeding en de daarmee gepaard gaande tand- en verteringsproblemen, zijn doodsoorzaak nr 1. Een degelijke voeding is dus onontbeerlijk om jouw konijn gezond te houden.

Een konijn moet altijd vers hooi ter beschikking hebben. De rest van de voeding kan bestaan uit verse of gedroogde groenten en verse of gedroogde kruiden (gras, klaver, paardenbloem, munt,…). Af en toe een extraatje kan maar moet wel beperkt worden (stukje appel, rozijntje,…). Let wel op: telkens u iets nieuws geeft van groenten, moet u dit geleidelijk aan opbouwen. Eerst een klein stukje, de volgende dag iets meer,…Krijgt uw konijn toch diarree, meng dan wat appelazijn door het water en geeft een paar dagen geen groenten. Net aangekochte konijnen hebben vaak nog geen groenten gekregen en krijgen best de eerste dagen hooi en korrels. Nadien introduceert u groenten.

Geschikte groenten zijn: andijvie, basilicum, munt, broccoli, paksoi, klaver, koriander, paardenbloem, peterselie, radijs, selder, witloof, wortels met loof, spinazie, gras (gesneden, niet gemaaid, zeer geleidelijk introduceren),…
Geef geen: bieslook, prei, ui, rabarber, vers gemaaid gras, aardappelen, bonen, erwten, mais, brood,…

Van de konijnenkorrels uit de winkel mogen ze maar 1 a 2 koffielepeltjes per dag krijgen. Een goede korrel bevat veel vezel en weinig koolhydraten en vet. We raden ook absoluut een pelletvoeding aan (allemaal dezelfde korreltjes) om selectieve eters te ontmoedigen enkel het zoete uit te zoeken. In de praktijk verdelen we een degelijke voeding, vraag ernaar!

Vaccinatie
Een konijn wordt best in het voorjaar gevaccineerd tegen RHD en tegen myxomatose. Bij uitbraken van RHD2 wordt ook deze vaccinatie geadviseerd.
Eenmaal per jaar, meestal in april/mei, organiseren wij een konijnendag. Op deze dag worden de konijnen gevaccineerd en volledig onderzocht. Meer info hierover kunt u krijgen aan de balie.

Mijn konijn eet niet meer
Een konijn dat niet eet, is echt een spoedgeval. Door niet te eten, stoppen de darmbewegingen en valt de spijsvertering stil. De aanwezige darmbacteriën produceren gas bij de vertering van het resterende voer. Hierdoor krijgt het konijn buikpijn en wordt erg ziek. Het kan snel achteruit gaan en sterven, neem dus zeker contact op met uw dierenarts.
De oorzaken van anorexie zijn velerlei: tandproblemen (speekselen, tandenknarsen), een gebrekkige voeding, pijn, stress,…
Als u naar de kliniek komt, zoeken we de oorzaak en proberen het spijsverteringstelsel terug op gang te krijgen. Veel konijnen moeten gedwangvoederd worden met een spuitje als ze zelf niet willen eten. Ze krijgen ook extra vocht, pijnstilling en medicatie om maag en darmen terug aan het werk te krijgen.

Sterilisatie/castratie
Voor vrouwelijke konijnen wordt sterilisatie sterk aangeraden omdat de kans op baarmoederproblemen zeer groot is. Konijnen van 6-7 jaar hebben 75% kans op zware problemen (baarmoederkanker,…). Sterilisatie wordt aangeraden voor de leeftijd van 2 jaar. Heeft u vragen hierover? Vraag uitleg aan uw dierenarts.

Konijnen en maden
Konijnen zijn zeer gevoelig voor maden. Vliegen leggen eitjes in vuile/natte zones van de pels (plakpoep, wonden,…) en na een paar dagen hebben de maden zich een weg gevreten door de huid. Kijk je konijn dagelijks na (in de zomer) en bescherm het met een specifieke spray (No myasis spray).

”Minder”

De cavia


De cavia is een herbivoor (planteneter) en kan 6-8 jaar worden. Het is een populair huisdier bij mensen met kinderen omdat ze gemakkelijk te hanteren en bijna nooit agressief zijn. Ze zijn erg sociaal en leven graag in groep.
Cavia’s kunnen binnen in een grote kooi gehouden worden. Deze moet goed verlucht zijn. Als ondergrond kan je stro, houtkrullen of papiersnippers gebruiken. De ondergrond mag niet te stoffig zijn, cavia’s zijn namelijk gevoelig aan ademhalingsproblemen. Je kan ze ook gemakkelijk buiten houden in een afgesloten ruimte, voorzie dan wel een schuilhuisje.
De tanden van een cavia groeien een gans leven door. Daarom is het belangrijk om hen veel te laten knabbelen. Vers hooi moet altijd beschikbaar zijn, groenten en caviabrokjes vullen het dieet aan. Een cavia kan zelf geen vitamine C aanmaken. Een brokvoeding van goede kwaliteit en met voldoende vitamine C is dus belangrijk. Vitamine C zit ook in groenten en fruit. Het kan eveneens bijgegeven worden via druppeltjes of poeder.

”Minder”

De chinchilla


Chinchillas zijn herbivoor (planteneter) en kunnen wel 20 jaar oud worden. Ze hebben alle dagen een zandbadje (met speciaal, fijn chinchilla-zand) nodig om hun pels in conditie te houden. Ze verdragen geen hoge temperaturen, als het warmer wordt dan 25 graden, krijgen ze het moeilijk.
Chinchilla’s worden het best per twee gehouden. Twee vreemde chinchilla’s kan je niet zomaar samen zetten, ze moeten langzaam ‘gekoppeld’ worden. Ze leven best in grote kooien; konijnen- of frettenkooien zijn zeker te klein.
De tandjes van een chinchilla groeien hun ganse leven door. Ze hebben dus een dagelijkse portie vers hooi nodig om hun tandjes kort te houden. Groenten (al dan niet gedroogd), kruiden (munt, kamille, paardenbloem, brandnetel,…) en een hoogwaardige chinchillabrok vullen het voer aan. De beste brokvoedingen zijn pellets (allemaal dezelfde korreltjes) om te vermijden dat ze enkel de lekkerste zaken gaan uitkiezen. Er mag niet overdreven worden met snoepjes (rozijntjes, gedroogde appeltjes,…).
Het zijn fervente knabbelaars. Bescherm dus elektriciteitssnoeren als ze loslopen in huis.

”Minder”

De hamster


Een hamster wordt het best alleen gehouden, samen gaan ze vaak vechten. Het zijn nachtdieren, dat wil zeggen dat ze overdag slapen en ’s nachts actief zijn. Ze zijn dus niet geschikt om in een slaapkamer te plaatsen. Ze hebben 2 grote wangzakken om eten in te verzamelen. Ze worden 2 a 3 jaar.
Hamsters zijn omnivoor (alleseters). Ze krijgen best een specifieke hamstermengeling (brokjes), aangevuld met groenten, fruit, stukjes vlees, ei, kaas en eventueel meelwormen. Als versnapering komen rozijntjes of nootjes in aanmerking.

”Minder”

Nabehandeling na operatie


Onze operatiepatiënten mogen pas naar huis wanneer ze al goed wakker zijn. Voorzie een rustig en warm plekje waar uw huisdier de tijd krijgt om helemaal te recupereren.

 
Eten en drinken
Knaagdieren mogen nooit nuchter gehouden worden en moeten dus zowel voor als onmiddellijk na de operatie eten ter beschikking hebben. Wanneer uw diertje niet eet, kan u ons best even bellen. Het kan namelijk zijn dat uw diertje dwangvoeding nodig heeft! (Deze hebben wij steeds in voorraad.)

Pijn?
Bij elke operatie krijgt het dier een pijnstiller en een prokineticum (dit houdt de spijsvertering in beweging) ingespoten. Daarnaast krijgt u ook nog medicatie mee naar huis die u vanaf de volgende dag mag toedienen.

Wondverzorging
In principe heeft uw dier geen speciale wondverzorging nodig. Ontsmetten van de wonde mag, maar is niet noodzakelijk. Het is niet abnormaal dat de wonde de dagen na de operatie wat gezwollen of rood is. Ook een paar druppeltjes wondvocht (roze) kunnen gezien worden.

Om te voorkomen dat er vuil in de wonde terecht komt, kan u uw diertje de eerste dagen best op krantenpapier of dergelijke houden. Liefst geen houtvezels of materialen die te veel stof afgeven. Leg ook het hooi liever niet op de grond, een hooiruif is een beter idee.

Algemene conditie
Uw dier kan een beetje rustiger zijn na de ingreep, maar mag absoluut niet lusteloos zijn.

Wist u dat NA CASTRATIE, uw knaagdier nog een aantal weken vruchtbaar is? Hou de mannetjes dus zeker nog 3 weken apart van de vrouwtjes om ongewenste nestjes te vermijden.

Wanneer neemt u contact op met uw dierenarts?

* uw dier eet niet (het maagdarmstelsel van konijnen/knaagdieren mag absoluut niet stil vallen!)

* uw dier blijft erg stilletjes de dagen na de operatie

* de wonde lijkt ontstoken (rood, gezwollen, etterige uitvloei, stinkend) of er zijn draadjes uit

* u maakt zich zorgen

”Minder”